Vakblad Mebest - niet alles is wat het lijkt

(uit Mebest  door Jan Willem Kommer)
       
Als het om gevels gaat, dan is Nederland nog altijd een baksteenland. Maar hoewel het vechten tegen de bierkaai lijkt, leggen de voorstanders van pleisterwerk zich daar nog altijd niet bij neer. Al lange tijd worden er wapens ontwikkeld om terreinwinst te boeken. Een pleisterafwerking met het uiterlijk van baksteen bijvoorbeeld, alweer jaren geleden geïntroduceerd. Schijn bedroog echter zelden, het was te overduidelijk imitatie. Met Baksteen Sierpleister ligt dat anders. Het namaakmetselwerk op de gevel van woning in het Drentse Eext is nauwelijks van echt te onderscheiden.

Hamvraag
Waarom? Waarom zou je een baksteengevel bepleisteren en hem toch het uiterlijk van baksteen willen laten behouden? Voor een deel is het een esthetische keuze; op basis van smaak, op grond van wat bij een woning past. Maar wat volgens Harm Jan Meijer van Baksteen Sierpleister (BSP) een grotere rol speelt, is het praktische en financiële aspect. "Een gevel wordt over het algemeen aangepakt wanneer hij er slecht uitziet. Denk aan scheuren bijvoorbeeld, en aan advertenties door dichtgemetselde deuren of ramen. Dat zijn zaken die je niet verhelpt met alleen opnieuw voegen. Maar opnieuw metselen is een zeer ingrijpende en kostbare aangelegenheid. Een goede baksteenimitatie in sierpleister is dan een prima alternatief." Kortom, de pleisterafwerking wordt gebruikt om gebreken te verbergen? "Dat is in feite waar het bij gevelbepleistering in negen van de tien gevallen op neerkomt", meent Meijer. "alleen moet je je wel realiseren dat je bepaalde problemen grondig moet aanpakken voor je ze gaat bedekken. anders komen ze onherroepelijk weer een keer terug."

Zachte Heelmeesters
Bij de woning in Eext kwam Meijer zo'n fundamenteel probleem tegen; scheuren in het metselwerk. "Hoe vaak wordt daar niet een wapeningsweefsel overheen aangebracht, met het idee dat het daarmee is opgelost?", verzucht hij. "als je goed nadenkt over wat een scheur precies is, hoe die is ontstaan, dan weet je dat dat nooit voldoende kan zijn." Zijn overtuiging is dat een scheur in een gemetselde gevel duidt op een spanningsveld dat zijn oorsprong vindt in de constructie, de fundering, het dak, bodemdaling etc. En dat er derhalve voor een rigoureuze oplossing moet worden gekozen om die spanning weg te nemen. "Zo'n scheur hak ik uit, dwars door de muur heen, en minimaal 3 cm breed. alleen dan neem je de spanning weg. En vervolgens vul ik hem op met een krimpvrije cementmortel die vergeven is van de kunststofvezels." Uit ervaring weet Meijer dat deze oplossing een veel betere garantie geeft dan de toepassing van alleen een wapeningsnet. "Daar wordt van te voren al bij gezegd dat de scheur op enig moment kan terugkomen. Mocht dat bij mijn oplossing een keer voorkomen, dan gebeurt dat binnen veertien dagen. Dan weet je het gelijk, en dan weet je ook dat het ophoudt; want er is alles aan gedaan wat mogelijk is."

Veel vaste stoffen
Grondige reparaties gingen er dus vooraf aan het aanbrengen van de baksteen sierpleister. Een scheur of zeven repareerde Meijer op deze wijze. Maar er waren meer voorbereidende werkzaamheden. Reiniging van de gevel bijvoorbeeld; gewoon met water en de hogedrukspuit. En het voorstrijken, tenminste 24 uur voordat er gepleisterd werd en in twee laagdiktes. Meijer gebruikte daar een middel voor dat speciaal voor hem wordt samengesteld, op grond van zijn eigen bevindingen en wensen. "De meeste voorstrijken hebben een vaste stoffengehalte van zo'n 15%, wat ik gebruik komt op 25%. Het voordeel daarvan is dat er minder wordt opgezogen door de ondergrond." Dat is belangrijk want zo voorkom je een ongelijke zuiging wanneer je gaat pleisteren. De voorstrijk moet uiteindelijk een reactie aangaan met de pleister, om voor een goede hechting te zorgen.

Logistiek onlogisch
Ook de pleister zelf wijkt af van wat je normaal gesproken op dat gebied tegenkomt. De lijm die Meijer er aan toevoegt bijvoorbeeld, heeft een vaste stoffengehalte van maar liefst 50%. Het product wordt speciaal voor de pionier gemaakt, de pleister zelf stelt hij zelf samen. Naast de lijmen komen er kunststofvezels aan te pas, pleisterverbeteraar, trascement, drie verschillende soorten zand, kleurstoffen en water. De exacte verhoudingen geeft Meijer niet prijs, maar zijn keuze voor trascement wil hij nog wel wat toelichten. "Het vloeit niet, het is de duurzaamste cementsoort die je kunt krijgen; scheuroverbruggend en elastisch. Daarnaast bloeit hij niet uit zodat je werk er ook mooi blijft uitzien." Dat is uiteindelijk wel waar het om gaat, vooral voor een bedrijf dat het van mond-tot-mond-reclame moet hebben. "Het heeft me flink wat jaren gekost om tot de ideale verhoudingen te komen, maar nu ik die eenmaal heb is het een fluitje van een cent. Een kwestie van heel nauwkeurig afmeten, mengen en in emmers doen. Logistiek gezien zijn droge mortels misschien handiger, maar dit is een gewoon een uitstekende kwaliteit en dat vind ik belangrijker dan een logistiek voordeel."
                     

Hogere metselkunde
Veel hangt dus af van de materialen en het voorwerk, maar ook de wijze van aanbrengen is van wezenlijke invloed op het eindresultaat. Daarom werd ook in Eext in twee lagen gepleisterd, nat-in-nat, waarbij in de eerste laag een wapeningsweefsel wordt aangebracht. Volgens Meijer zaken die van essentieel belang zijn voor een langere levensduur. Nadat de tweede laag was aangebracht, werd een begin gemaakt met het maken van het baksteen uiterlijk. De pleister had weliswaar al de rode basiskleur, van een baksteen structuur was nog geen sprake. De eerste aanzet daartoe maakte Meijer door de pleister op te ruwen met een handveger. En zodra de pleister droog genoeg was, kon het voegenpatroon worden ingesneden. "Dat gaat wel in fases", legt Meijer uit. "Het is een spel van droog - niet droog. De lijm vertraagt de droogtijd wel, maar zelfs dan kan ik nu eenmaal niet een hele gevel in één dag smeren en hem daarna snijden. Hier deed ik steeds vlakken van zo'n 3 tot 5m2." Van wezenlijke invloed op het uiteindelijke uiterlijk van de gevel is het metselverband dat met het snijden van het voegenpatroon wordt geïmiteerd. "In Nederland zie je baksteenimitaties het meeste in halfsteensverband, maar daar ben ik eerlijk gezegd een beetje op uitgekeken. Wil je wat anders, een kruisverband zoals hier bijvoorbeeld, dan zul je wel een complete know how van metselwerk moeten hebben", aldus de voormalig metselaar.

Kleuren maken de Gevel
Naast het inderdaad niet eenvoudig ogende kruisverband bracht Meijer nog andere opvallende details aan met het snijden van de voegen. Tegen de dakrand aan de kopse kant van de woning is een ingewikkeld ogend vlechtwerk in de pleisterlaag gesneden. "Dat is wel een uitzoekerij geweest, hoe ik dat er goed in moest krijgen. Met echt metselwerk had ik het wel geweten, maar hier zijn geen leerboeken voor." Uiteindelijk bood een relatief simpele malconstructie de oplossing. De toevoeging is de moeite van het puzzelen dubbel en dwars waard geweest, de imitatie lijkt er nog echter door. De belangrijkste bijdrage daaraan wordt echter geleverd door de kleurcoating, uniek in dit systeem. Vijf verschillende kleuren heeft Meijer gebruikt. De basiskleur is het donkerrood van de pleister. Met een aantal donkere kleuren, waaronder bruin, blauw en zwart, heeft Meijer een schakering aangebracht. al begint het kleuren wel volgens iets van een patroon, na afloop is dat niet meer te herkennen; de gevels hebben een zeer authentieke baksteenuitstraling gekregen. "Vroeger was het commentaar wel eens dat het te egaal rood of te egaal bruin was, waardoor het er te gelikt uitzag. Nu ik met die vijf kleuren werk, hoor je dat niet meer. Ja, het is wel meer werk en dus ook wat duurder, maar je ziet geen verschil meer met echte baksteen. Dit is het ultieme wat er op dit gebied tot nu toe is gemaakt."

Alles onder controle
De kleurcoating vervult een dubbelfunctie. Hij zorgt niet alleen voor de finishing touch qua uiterlijk van de baksteen sierpleisterafwerking, maar levert ook nog bescherming. "Hij is namelijk UV-bestendig en waterafstotend", aldus Meijer. Nadat de gevels op kleur zijn gebracht, was het de beurt aan de voeger. Om de risico's van smetvlekken zoveel mogelijk te vermijden werkt Meijer bij voorkeur met hetzelfde bedrijf, Voegbedrijf Van Prinsenbeek uit Wagenborgen. "Zij weten hoe ik het hebben wil, ik weet hoe zij werken en dat gaat prima zo", licht Meijer zijn voorkeur toe. Evengoed is hij altijd aanwezig bij het voegen, met een vernevelaar in de aanslag om ook maar de kleinste ongerechtigheid te lijf te gaan. Sluitstuk van het gevelwerk in Eext was het eenmalig aanbrengen van een transparante waterafstotende coating zodat ook de voegen net zo goed beschermd zijn als de namaakbakstenen.


Don't try this at home
A al de materialen die Meijer in Eext heeft gebruikt, komen uit eigen keuken of zijn volgens eigen recept bereid. "Het systeem is elastisch, soepel en dampopen zodat je minder kans op spanningen en scheuren hebt", zegt Meijer niet zonder trots. "Ik ben er jarenlang mee bezig geweest om het te maken tot wat het nu is. Maar het is niet zo dat ik maar wat aanrommel. Ik heb een laboratorium achter me staan dat mijn ideeën op bruikbaarheid en toepasbaarheid onderzoekt. Zo zijn we ook op een methode gekomen die het me mogelijk maakt om 's winters door te werken. als het overdag maar niet kouder dan zo'n 4 à 5°C is en het 's nachts niet harder vriest dan 3 à 4°C . antivries." Meijer zegt het met een stalen gezicht. Maar voegt er wel aan toe dat je dit beter niet 'thuis kunt proberen'. "Ik heb het laten onderzoeken, werk al jaren met deze beproefde methode en op mijn producten heeft het geen schadelijke invloed. Hoe dat met andere producten zit, daar durf ik hier niets over te zeggen. Maar om brokken te voorkomen lijkt het me niet verstandig als mensen er zo maar mee gaan experimenteren.